Tagarchief: kostendelersnorm

Naar bijstandsgerechtigden wordt door het verkiezingscircus niet geluisterd

Je kunt als baanloze alleen kiezen tussen partijen die jou hard willen aanpakken.

In aanloop naar de Tweede Kamer-verkiezingen zingt in sommige kringen van baanlozen de hoop rond dat er een einde zou kunnen komen aan het repressieve bijstandsregime. Maar wie het rechtse politieke klimaat tot zich door laat dringen en de partijprogramma’s doorleest, weet dat we het van de parlementaire politiek niet moeten hebben.

Want welke partijen beloven dan de disciplinering door dwangarbeid af te schaffen? En welke de verplichte tegenprestatie en vrijwilligerswerk? Of de verplichting tot solliciteren op onbestaande banen? Of de verplichte psychologische testen en gesprekjes waarin ons arbeidsethos en arbeidsvermogen wordt gepeild om zo onze arbeidswaarde en -inzet te kunnen bepalen? Of het rechteloos “werkervaring en werkritme opdoen” door onbetaalde arbeid voor gemeenten en bedrijven? En welke partijen willen de ruimte beperken voor nieuwe uitbuitconstructies waarin baanloze bijstandsgerechtigden rechteloos en voor een habbekrats naar kapitale behoefte worden ingezet en weggezet?

Welke partij wil een einde aan de voortdurende druk tot zelfdisciplinering door het immer dreigende sanctiebeleid: het opleggen van kortingen en boetes bij het niet voldoen aan verplichtingen? Is er een partij die de uitkeringen structureel wil verhogen om de bewust gecreëerde bijstandsarmoede te beëindigen? Welke partij stopt de privacy schendende praktijk waar baanlozen, hun partners, kinderen en ouders aan worden blootgesteld om het beroep op het recht tot bijstand keer op keer te bewijzen? Welke partij verkiest zelfbepaald samenleven boven economische individualisering door de kostendelersnorm?

KiesWerkKompas

Antwoord op deze voor ons essentiële vragen krijgen we in ieder geval niet via het KiesWerkKompas. Die kieswijzer is gemaakt door de “inclusieve arbeidsmarkt promotor” Start Foundation samen met Kieskompas. De organisaties willen “1,7 miljoen mensen in Nederland die niet of nauwelijks meedoen op de arbeidsmarkt” helpen bij “het beoordelen van de partijprogramma’s op het thema werk”. Aan de hand van twintig stellingen over onze sociaaleconomische positie en werk zouden wij kunnen bepalen welke partijen het beste aansluiten bij onze “persoonlijke opvattingen”. Wie het kieskompas invult, verricht overigens meteen onbetaalde arbeid voor de organisaties, want alle informatie die je geeft, wordt gebruikt bij verdere onderzoeken. En zo worden we nog weer eens in kaart gebracht.

Die “sociaaleconomische positie” wordt ons dagelijks ingepeperd door de uitvoerders en handhavers van de Participatiewet, en door politici en opiniemakers in de media. Wij staan volgens hen aan de “onderkant van de samenleving”. Want we zijn baanloos en doen een beroep op de sociale zekerheid. Om onze sociaaleconomische situatie te verbeteren moeten we van hen een baan vinden, uit die armoedige bijstand, en wel zo snel mogelijk. De enig toegestane route om onze bestaanszekerheid iets verbeteren loopt via betaald werk. En om die betaalde banen te vinden, worden we “bijgestaan” door een leger van goedbetaalde ambtenaren en een florerende baanlozenindustrie die ons op allerlei “innovatieve” en legale manieren disciplineert.

De twintig stellingen van het KiesWerkKompas en de programma’s van de politieke partijen geven een aardig beeld van de heersende ideologie rond werk en inkomen. Een ideologie die geen enkele uitweg biedt voor de mensen in precaire posities, en die puur inzet op het klein houden en controleren. Alle partijen, van een beetje links en het extreme midden tot aan extreem-rechts, delen die neo-liberale en racistische ideologie waarin het kapitalistische arbeidsethos leidend is. We worden gedwongen te leven in een hiërarchisch georganiseerde maatschappij waarin de meeste mensen die arbeidsmoraal volledig hebben geïnternaliseerd. Een maatschappij die wordt aangejaagd door de Participatiewet en andere wetgeving. Of dat nu de arbeidsmarkt- en loonpolitiek betreft of de ronduit fascistische migratiepolitiek.

De parlementaire beloften

Maar liefst achtentwintig partijen nemen deel aan de verkiezingen. Enkele partijen daarvan hebben geen of nauwelijks een programma: Niet Stemmers, StemNL, Geen Peil, de Vrije Democratische Partij, Mens en Spirit/Basisinkomen Partij/V-R (Vrede & Recht), JEZUS LEEFT, de Libertarische Partij en de PVV. Hier een overzichtje van de partijen die – in tegenstelling tot het KiesWerkKompas – wel iets zeggen over de tegenprestatie, privacyschendingen, de kostendelersnorm, de hoogte van een bijstandsuitkering en de verdringing van betaald werk door dwangarbeid.

Tegenprestatie: De SP, Piratenpartij, GroenLinks en Artikel 1 willen de verplichte tegenprestatie afschaffen, maar niet alle andere dwangarbeid.

Privacyschendingen: De Piratenpartij wil de “privacy schendende controles op uitkeringsgerechtigden stopzetten”.

Kostendelersnorm: Alleen de PvdD wil de algehele kostendelersnorm schrappen.

Eind vorig jaar stemden SP en 50Plus nog voor afschaffing van de kostendelersnorm voor álle doelgroepen.

Mantelzorgboete: De PvdA wil de mantelzorgboete (kostendelersnorm voor AOW-ers) niet invoeren, de SP wil hem afschaffen, 50Plus wil hem niet en ook GroenLinks vindt dat die boete er niet moet komen, want: “#We waarderen mantelzorg en vrijwilligerswerk als gelijkwaardige vormen van participatie”. Ook de SGP wil dat mantelzorg als maatschappelijke tegenprestatie wordt erkend.

Hoogte van een bijstandsuitkering: De SP wil het minimumloon met tien procent verhogen en de koppeling tussen lonen en uitkeringen behouden waardoor ook de bijstand hoger wordt. 50Plus wil het wettelijke minimumloon elk jaar indexeren en dus ook de daaraan gekoppelde uitkeringen.

Verdringing: De PvdA zegt te “strijden tegen verdringing, uitbuiting en concurrentie op arbeidsvoorwaarden”. De SP-initiatiefwet om verdringing van betaalde arbeid door werken zonder loon te stoppen is al door de Tweede Kamer heen gejast. 50Plus vindt dat de inzet van vrijwilligers niet mag leiden tot verdringing. De Burger Beweging stelt dat het werken zonder arbeidscontract voor de bijstand moet worden afgeschaft om verdringing van reguliere banen te voorkomen.

Een motie van de PVV voor meer repressie werd weggestemd, door hypocriete andere partijen want werk weigeren komt baanlozen hoe dan ook toch al op een sanctie te staan.

En dat was het dan alweer wat betreft de ‘hoopgevende’ beloften van partijen om bijstandsgerechtigden te verlokken tot een stem. Alle partijen, inclusief die uit het rijtje, vernaggelen baanlozen en andere gemarginaliseerde groepen door voorstellen tot nog meer concurrentie op de arbeidsmarkt. Bijvoorbeeld via experimenten met de bijstand. Of via de invoering van een al dan niet onvoorwaardelijk basisinkomen. Of via het aanscherpen van de handhaving, het opvoeren van controle en straf en het ‘fine tunen’ van de Participatiewet. Daarnaast willen ze allemaal blijvend het recht op bijstand en basisinkomen onthouden aan “niet-willers”, migranten en vluchtelingen (zelfs aan tijdelijke statushouders).

Stemsuggestie

Gezien de schrale hoop in het overzichtje is het feitelijk geen vraag of een stemsuggestie enig nut heeft. Parlementariërs blijven stokdoof voor kritieken van mensen aan de onderkant van de samenleving. Er zijn geen electorale winsten te behalen via bijstandsgerechtigden. We zijn nog met te weinig, al nemen we in aantal toe. Onze directe belangen overlappen deels met die van potentiële bondgenoten: de rap groeiende groep flexwerkers (ontslagrecht, belasting op arbeid worden ten faveure van werkgevers aangepast) en ww-ers wier ‘garantie’ op iets meer bestaanszekerheid ook onder spervuur ligt. Ook flexwoners hebben van doen met toenemende onzekerheid. Wellicht zijn we samen bij de volgende verkiezingen wel ‘interessant’ genoeg om rekening mee te houden.

Ondertussen organiseren we ons van onderop en strijden we verder tegen dwangarbeid en voor de volledige afschaffing van de Participatiewet. Want willen we uiteindelijk een samenleving waarin we vrij zijn van kapitalisme, patriarchaat, racisme, en een wereld die vrij is van alle onderdrukking en uitbuiting, dan is de buitenparlementaire weg dé weg.

Puk Pent

(Overgenomen van doorbraak.eu)

Advertenties

Alleenstaande ouders met bijstand en kinderen inwonend bij familie in bittere armoede gestort

Alleenstaande ouders met bijstand en kinderen inwonend bij familie niet alleen getroffen door kostendelersnorm maar ook door sterke kortingen op het kindgebonden budget. Het inkomen daalt ver beneden het bestaansminimum.

Alleenstaande ouders met kinderen inwonend bij familie worden per 1 januari 2016 niet alleen getroffen door de kostendelersnorm maar ook getroffen door grote kortingen op het kindgebonden budget. Voorbeeld: alleenstaande ouder met twee kinderen van 4 en 7 jaar die inwoont bij haar moeder heeft een bijstandsuitkering van 694 euro en een kindgebonden budget van 83 euro en een zorgtoeslag van 7,50 euro per maand. Deze moeder houdt 200 euro en 3 cent over na aftrek vaste lasten. Volgens het voedingscentrum van het Nibud is zij aan voeding voor haar 2 kinderen en zichzelf kwijt per kind 3,67 en voor haarzelf 5,62. Prijspeil 2013. In totaal is dat 390 euro alleen voor voeding per maand wat zij volgens het Nibud kwijt is. Dus zij komt alleen al aan de basisbehoefte eten meer dan 160 euro per maand tekort. Deze mevrouw is arbeidsongeschikt en kan slechts 16 uur per week werken. Hoe komt deze mevrouw hieruit.

Lees verder op de Bijstandsbond blog: Alleenstaande ouders met bijstand en kinderen inwonend bij familie in bittere armoede gestort

Via juridische procedures gaten proberen te schieten in het keiharde uitkeringsbeleid

Logo van de Bijstandsbond.
Logo van de Bijstandsbond.

Rechters en gemeenten mijden principiële uitspraken over de Participatiewet en volgen in het algemeen nogal slaafs de ideologische prietpraat van de regering. Het komt vaak voor dat advocaten in verband met die wet namens een cliënt een rechtszaak beginnen tegen de gemeente. Soms trekt de gemeente voortijdig een besluit in dat op een individu betrekking heeft, bijvoorbeeld wanneer een voorlopige voorziening is aangevraagd en men ziet aankomen dat men de zaak gaat verliezen. Soms trekt de gemeente een besluit pas op het laatste moment bij een rechtszaak in, om zo te vermijden dat de rechter een principiële uitspraak gaat doen over het gemeentelijke beleid. Bij intrekking hoeft de gemeente namelijk geen rekening te houden met de mogelijke rechterlijke beslissing dat dat beleid in strijd is met de wet.

Dat soort uitspraken komen voor. Bij de cliënt die naar de rechter is gestapt, wordt het besluit dan teruggedraaid. In vergelijkbare gevallen kan de gemeente, wanneer de betrokken persoon geen procedure gaat voeren, het besluit doodleuk handhaven, hoewel het in strijd is met de wet. Dat doen gemeenten soms ook. De gemeente Amsterdam bijvoorbeeld handhaaft dan het beleid voor die cliënten die geen procedure zijn begonnen, wat in het verleden het geval is geweest bij de verschillende regelingen voor chronisch zieken en gehandicapten.

Centrale Raad van Beroep

Ook komt het regelmatig voor dat een bepaalde procedure door een cliënt wordt gevoerd tot aan de Centrale Raad van Beroep, de hoogste rechterlijke instantie voor wat betreft de Participatiewet. Ook als een zaak bij de Centrale Raad komt, gebeurt het dat de gemeente het bestreden besluit op het laatste moment intrekt. Weliswaar vinden er tussen gemeenten en de Centrale Raad geen overleggen achter gesloten deuren plaats. Dat mag namelijk niet. Maar de Centrale Raad kan tijdens de openbare rechtszitting door het stellen van vragen en het maken van opmerkingen subtiel laten doorschemeren dat men een principiële uitspraak ten nadele van de gemeente aan het overwegen is. Zo hebben gemeenten er alle belang bij om voor hen nadelige uitspraken over de verplichte “tegenprestatie” in het kader van de Participatiewet te vermijden. In zo’n geval trekt men het bestreden besluit liever in.

Dat wil uiteraard niet zeggen dat de Centrale Raad altijd kritisch is richting gemeenten. Vaak blijkt de Centrale Raad slaafs het beleid van de regering te volgen, zonder daar inhoudelijk kritiek op te leveren. Ook is de Centrale Raad er zeer terughoudend in om Nederlandse wetten, zoals die door het beleid van de regering tot stand komen, te toetsen aan internationale mensenrechtenverdragen die Nederland heeft ondertekend. Zo verwijst de Centrale Raad in de motivatie van uitspraken vrijwel nooit naar het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens (EVRM).

Hoe slaafs de Centrale Raad het regeringsbeleid volgt, bleek onlangs bij de dertien uitspraken over de kostendelersnorm in diverse uitkeringen. De Centrale Raad voerde aan dat bij de kostendelersnorm, zoals ook de regering stelt, “de vangnetfunctie van de bijstand blijft gewaarborgd, het lonend blijft om te werken en er een bijdrage wordt geleverd om de schatkist van de overheid op orde te brengen”. Twee dagen later publiceerde het onderzoeksbureau Regioplan, dat in opdracht van de gemeente Amsterdam een onderzoek had uitgevoerd, een rapport waaruit bleek dat van de argumenten van de Centrale Raad veel niet klopt. De kostendelersnorm is ingevoerd omdat volgens de regering twee alleenstaanden die in hetzelfde huis wonen, veel kosten kunnen delen en dus minder kosten van levensonderhoud hebben dan een alleenstaande die alleen woont. Het onderzoek van Regioplan toont aan dat die redenering niet opgaat. De alleenstaanden die in hetzelfde huis wonen, kunnen veel kosten niet samen delen. En ze geraken door de kostendelersnorm in grote armoede. Dat is ook de reden waarom de Amsterdamse Bijstandsbond een petitie tegen de kostendelersnorm heeft opgesteld.

Lees verder: Via juridische procedures gaten proberen te schieten in het keiharde uitkeringsbeleid