Categorie archief: Dwangarbeid

Artikelen over Dwangarbeid

Flextensie ontduikt iedere cao die maar voor handen is

Mensen in de bijstand kunnen via arbeidsbemiddelaar Flextensie wat bijverdienen. Dat heeft er baat bij, net als gemeenten. Er is ook kritiek. Voor circa 12 euro per uur kunnen ondernemers via het bedrijf Flextensie ontvangers van bijstand inhuren voor tijdelijke of flexibele klussen in bijvoorbeeld horeca, schoonmaak of detailhandel. Deze werknemer ontvangt dan 2 euro per uur bovenop de uitkering. Flextensie, die deze constructie heeft bedacht, deelt de overige 10 euro met de gemeente. “Iedereen tevreden”, zegt oprichter Guus Bludel. Al vijftig gemeenten doen zaken met het nieuwe bedrijf uit Den Haag. Maar er komt steeds meer kritiek op. “Dwangarbeid”, zegt actiegroep Dang uit Groningen. “Wij worden geacht te werken zonder loon, zonder arbeidsrechten, zonder cao of baangarantie om zo onze uitkering te bekostigen.” Op internetfora voor bijstandsgerechtigden wordt opgeroepen niet te werken ‘voor de Flextensie-uitbuiters’.

Ingrid Weel in Niet iedereen blij met baan plus bijstand (Trouw)

 

Advertenties

Flextensie: booming business over de ruggen van baanlozen

Van links naar rechts: Suzanne de Visser, Guus Budel en Martine van Ommeren.
Van links naar rechts: Suzanne de Visser, Guus Budel en Martine van Ommeren.

Vorige maand schreven we over het concept “flextensie”, een dwangarbeidconstructie waarbij bijstandsgerechtigden flexwerken binnen reguliere arbeidsplaatsen zonder loon of arbeidsrechten. En waarbij de financiële voordelen uitvallen ten gunste van de bazen, uitkeringverstrekkende gemeenten en natuurlijk het bedrijf Flextensie. Wie zitten er achter dat bedrijf en hoe heeft men dat concept flextensie uitgerold?

Het concept is heel simpel. Flextensie werkt op basis van inhuur. Een baas kan ons, bijstandsgerechtigden, inhuren voor veelal tijdelijk werk. Zonder enige verplichting, behalve het betalen van een overeengekomen uurtarief aan het bedrijf Flextensie. Dat uurtarief, gebaseerd op het minimumuurloon plus werkgeverslasten, varieert van 11,75 tot 12 euro per uur, maar kan ook lager uitvallen, al naargelang de productiviteit van de werkende baanloze.

Wij, de dwangarbeiders, ‘verdienen’ anderhalf tot twee euro per uur, en dat wordt ons uitbetaald door Flextensie. Het bedrijf steekt ongeveer een derde van het inhuurtarief in de eigen zak en wat er overblijft gaat naar de gemeentekas als besparing op de uitkeringslasten. Met andere woorden: wij worden geacht te werken zonder loon, arbeidsrechten, CAO of baangarantie om zo onze uitkering te bekostigen.

Flextensie blijkt een wirwar van allerlei bv’s waarin drie gehaaide zakenmensen de hoofdrol spelen, een man en twee vrouwen. Waar ook verscheidene gemeenten namens de BV Nederland en andere actoren in het veld, trouw aan het zaligmakende winstmodel, enkele belangrijke bijrollen vervulden en nog steeds vervullen. De baanloze is door Flextensie ontdekt als een onuitputtelijke nieuwe bron van gratis arbeid waar heel veel winst mee te maken is.

Guus Budel

De “Founding Partner” van Flextensie is Guus Budel. Begin jaren 80 begint hij een loopbaan in de automatisering bij de rijksoverheid. Hij is van 1989 tot 1993 verantwoordelijk voor Informatievoorziening en Automatisering bij het ministerie van Buitenlandse Zaken. In 1993 stapt hij over naar de Rijnhaave Groep, een it-leverancier waar hij Directeur Office Automation wordt. Dat bedrijf wordt overgenomen door British Telecom, dat de naam van Rijnhave verandert in Syntegra Nederland. Daar is hij van 1996 tot 1997 Managing Director. Vervolgens richt hij in 1998 samen met Peter Kastelein Citee BV op. Dat bedrijf gaat aan de slag met onder meer het idee van het BedWeb, een integraal computersysteem voor onder meer patiënten in ziekenhuisbedden en toeristen in hotels. Eind 2000 had Citee driehonderd medewerkers en een omzet van ongeveer dertig miljoen euro. In 2001 verkopen Budel en Kastelein Citee aan Landis, een beursgenoteerde ICT-onderneming. Het jaar daarop gaat Landis failliet, waarna beide ondernemers, met hun gemeenschappelijke investeringsmaatschappij Comitee, Citee terugkopen van de curator. Begin 2003 wordt een combinatie gezocht met Newconomy BV, een op internet gericht investeringsbedrijf, dat op 1 mei 2003 besluit haar naam te wijzigen in RT Company NV met als handelsnaam Real Time Company. Budel wordt begin 2004 benoemd tot voorzitter van de Raad van Bestuur. Eind 2004 gaat het onderdeel waarin Citee is opgenomen (RT Companies) weer failliet. Sinds begin 2004 investeert hij echter al met Comitee in de ontwikkeling en exploitatie van webshops. Dat noemt hij Shops at Work en hij levert onder andere pc-apparatuur aan Kijkshop. In 2008 wordt ook bij Shops at Work de handdoek in de ring gegooid. Twee jaar later start hij het bedrijf 12Hire BV. Met 12Hire BV ontwikkelt hij het idee van flextensie.

Suzanne de Visser

De tweede hoofdpersoon bij Flextensie is Suzanne de Visser.  Afgestudeerd met een master maatschappijgeschiedenis start ze in januari 2006 haar carrière bij European Association of History Educators (EUROCLIO). Maar in juni stapt ze alweer over naar het ministerie van Buitenlandse Zaken, waar zij beleidsmedewerkster wordt. In september 2007 gaat ze werken voor het beruchte commerciële onderzoeksbureau Research voor Beleid. Dat richt zich op sociaal beleidsonderzoek en is vanaf 2010 onderdeel gaan uitmaken van Panteia BV. Dat is een allround onderzoeksbureau voor economisch en sociaal beleidsonderzoek, transportonderzoek en marktonderzoek. Met ongeveer hondervijftig medewerkers is Panteia een van de grootste private onderzoeksbureaus van Nederland. De Visser specialiseert zich daar tot onderzoekster naar baanlozen en reïntegratie. Vanuit die achtergrond en met haar expertise richt ze in 2013 samen met Budel het bedrijf Flextensie op, bijgestaan door de derde hoofdrolspeler: Martine van Ommeren.

Martine van Ommeren

Nadat Van Ommeren in 2006 afstudeert met een master taalwetenschappen, werkt ze twee en een half jaar in haar vakgebied. Eerst een jaar en negen maanden als adviseur/projectmedewerker bij de Taalstudio, en daarna zes maanden als projectmedewerker bij de afdeling Research and Development van Dedicon. Vanaf april 2008 werkt ze bij Research voor Beleid als onderzoekster en verricht daar voornamelijk onderzoek op het gebied Sociale Zaken en Werkgelegenheid. Vanaf december 2011 is Van Ommeren columnist bij het streng christelijke Nederlands Dagblad, waarvoor ze maandelijks – tot eind 2014 – een column schrijft.

Opstarten

Onder de handelsnaam 12hire BV gaat Founding Partner Budel begin 2010 aan de slag met het businessplan van Flextensie. Achter de schermen wordt er intensief samengewerkt met het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW), wat in oktober 2012 resulteert in een eerste pilot flexwerk in Den Haag. Het doel daarvan is vooral om meer ervaring op te doen met diverse vormen van flexibel werk en om het concept verder te finetunen. Om die reden wordt op 22 februari 2013 – samen met De Visser en Van Ommeren – de onafhankelijke stichting Flextensie Haaglanden opgericht met Budel als directeur.

Uit de evaluatie van die eerste pilot blijkt dat na een stroeve start aan het einde van het experiment wat meer kandidaten bij een werkgever werden geplaatst en dat de omzet aanzienlijk was gestegen. De Haagse Flextensie-pilot kan daardoor worden voortgezet. Daarop wordt de uitzendorganisatie Tempo-Team erbij betrokken omdat die commerciële organisatie al jarenlang intensief en ‘inhouse’ samenwerkt met de gemeente. In 2013 wordt Flextensie bij het bredere publiek in Den Haag bekend gemaakt.

Bij de eerste pilot betreft een relatief groot deel van de opdrachten van Flextensie arbeid in de non-profitsector. Via de samenwerking met Tempo-Team worden er ook meer tijdelijke en kortdurende opdrachten uit de marktsector binnengehaald. In eerste instantie is het de bedoeling om alleen “WSP kandidaten” boven de zevenentwintig jaar in te zetten. Met “WSP kandidaten”worden bijstandsgerechtigden uit “het granieten bestand” bedoeld die “moeilijker aan het werk komen” door “een grotere afstand tot de arbeidsmarkt”. Vanaf 2013 worden echter ook bijstandsgerechtigden met een “minder grote afstand tot de arbeidsmarkt” en baanloze jongeren onder de zevenentwintig ingezet.

Uitrollen

Flextensie weet loonkostensubsidie van de gemeente los te peuteren, omdat het “succesvol” baanlozen die een “grotere afstand hebben tot de arbeidsmarkt” tijdelijk aan de arbeid zou weten te “helpen”. Die bijstandsgerechtigden komen ‘in dienst’ bij Flextensie en worden voor een “inleentarief” aan bedrijven “uitgeleend”.

In 2014 worden voorbereidingen getroffen om Flextensie landelijk uit te rollen. Op 17 november wordt Flextensie Nederland BV opgericht. Het nieuwe bedrijf meldt meteen in een “nieuwsflash” dat het de maanden ervoor intensief heeft samengewerkt met het ministerie van SZW om zo nauwgezet mogelijk te formuleren binnen welke wettelijke kaders gemeenten de Flextensie-methodiek mogen toepassen. Met trots schrijft men dat dit traject begin november succesvol werd afgerond. Flextensie staat dan op eigen benen en is geen onderdeel meer van 12hire BV. Tien dagen daarop presenteert De Visser namens Flextensie, samen met directeur Martin Andriessen van de dienst Sociale Zaken gemeente Den Haag, tijdens het najaarscongres van Divosa (getiteld ”Druk, druk, druk!”) in Zaandam de workshop “Flexibel werk? Pak die kans!”.

Op 10 februari 2015 komt er een structurele samenwerking tot stand tussen Flextensie, Society Impact en de Rabobank. “De stichting Society Impact is een inclusief platform voor samenwerkende partijen – o.a. banken, filantropen, private equity funds, zorgverzekeraars, pensioenfondsen, overheid en ondernemers – om gezamenlijk maatschappelijke urgente vraagstukken aan te pakken via sociaal ondernemerschap.” Daarover meldt Flextensie: “Wanneer Flextensie in een nieuwe gemeente aan de slag gaat, stelt de Rabobank het benodigde werkkapitaal beschikbaar, met commitment van de gemeente. Omdat Flextensie al binnen enkele maanden een break-even operatie kan realiseren en daarna rendement voor de gemeente realiseert, kan de financiering vanuit dit rendement worden ingelost”. De met veel bombarie aangekondigde pilot van Flextensie in de gemeente Zaanstad, die start in januari 2015, blijkt inderdaad op die manier gefinancierd. Ook weet Zaandam een subsidie van het Europees Sociaal Fonds (ESF) los te peuteren van maar liefst 1.013.600 euro. Flextensie is daarmee booming business geworden en wordt landelijk uitgerold.

Huidige stand van zaken

Momenteel hebben al meer dan vijftig gemeenten samenwerkingscontracten afgesloten met Flextensie. Daarbij heeft het bedrijf momenteel “werkgeversafspraken” met een flink aantal organisaties. Van uitzendbureaus (AB vakwerk, Adecco, Luba, Randstad, Start People, Tempo Team, Tence/Actief Werkt, Timing, Werktalent) tot een schoonmaakbedrijf (Asito), een “leverancier van Facility Services” (ISS), een exploitant van lichtmastreclame (npb) en een bedrijf dat onder andere vakantieparken uitbaat (Roompot). Een lijst die ongetwijfeld nog zal groeien.

Flextensie is ook trots op haar partners, waaronder de Algemene Bond Uitzendondernemingen (ABU), het eerder genoemde Society Impact, Locus, een organisatie die “werkt aan een duurzame inclusieve arbeidsmarkt”, Staffing Management Service, “de expert voor het optimaal kunnen werken met flexibele arbeid”, NBBU, dat pretendeert “dé brancheorganisatie van professionele intermediairs op de arbeidsmarkt” te zijn, en Connexys, “Nederlands marktleider in innovatieve technologische oplossingen voor het vinden, matchen, selecteren en binden van talent”.

Elke deelnemende gemeente heeft een of meerdere Flextensie-“intercedenten”: personen die bemiddelen tussen baanlozen en bedrijven met vacatures. Daarnaast werken er rondom het hele Flextensie-gebeuren projectleiders, regiomanagers, werkgeversadviseurs, consultanten, accountmanagers, contractmanagers, en penningmeesters. En allemaal verdienen ze een dik belegde boterham aan de onbetaalde en rechteloze arbeid van uitkeringsgerechtigden.

Puk Pent en Bart de Baan

(Overgenomen van doorbraak.eu )

Reïntegratieperikelen in Amsterdam. Een actueel overzicht en een stukje geschiedenis

SP-wethouder Arjan Vliegenthart.
SP-wethouder Arjan Vliegenthart.

De gemeente Amsterdam kent een lange geschiedenis van malversaties en misstanden in de reïntegratiebusiness. Een rapport van het Bureau Integriteit van de gemeente over misstanden bij de projecten van stichting Herstelling was aanleiding voor veranderingen in het reïntegratiebeleid onder SP-wethouder Arjen Vliegenthart. Maar de gemeente werkt nog steeds samen met dezelfde stichting in het project “Vinkebrug”. Het centrum aan de Laarderhoogtweg wordt weliswaar gesloten, maar op nieuwe locaties in vier stadsdelen wordt het reïntegratiebeleid gewoon voortgezet. De hoofdvestiging komt waarschijnlijk aan de Van der Madeweg. Basis voor het nieuwe reïntegratiebeleid is het “Koersbesluit reïntegratie”.

Er is in het verleden in Amsterdam heel wat te doen geweest over het werken met behoud van uitkering, oftewel dwangarbeid, en over het reïntegratiebeleid dat de gemeente voerde. Om wat verder in het verleden terug te gaan: eind jaren negentig van de vorige eeuw had de gemeente Amsterdam een contract met Arbeidsvoorziening Noord-Holland Zuid. Wat betreft het jaar 1999 kon Arbeidsvoorziening twintig miljoen gulden niet verantwoorden. Bij nader onderzoek van de dossiers van de werkzoekenden bleek dat vijftig procent van de dossiers niet voldeden aan een goede verantwoording van de verrichte activiteiten. Die activiteiten waren niet geregistreerd of hadden in werkelijkheid niet plaatsgevonden. Accountants weigerden de verantwoording aan de gemeente goed te keuren. Het ministerie van Sociale Zaken eiste daarop het geld terug dat aan de gemeente was uitbetaald. Die vorderde daarop het geld terug bij Arbeidsvoorziening, die een gedeelte van het geld, dat al aan hen was uitbetaald, moest terugbetalen.

Ander voorbeeld

Of neem een ander voorbeeld. In de tweede helft van 2001 en de eerste helft van 2002 werd een ideetje van toenmalig wethouder Jaap van der Aa uitgevoerd, namelijk de opzet van een “megabanenmarkt”. Alle bijstandsgerechtigden in Amsterdam moesten in een jaar tijd komen opdraven in een groot hallencomplex even voorbij station Sloterdijk. Het enige dat er “mega” aan was, was de grootschalige opzet. Banen waren er niet in de aanbieding. Er werden van alle bijstandsgerechtigden geheel nieuwe dossiers gemaakt, en velen werden onder druk gezet om naar werk te zoeken dat er niet was. De megabanenmarkt werd dan ook een grote flop. Tweehonderd miljoen euro werd over de balk gesmeten zonder aanwijsbaar resultaat.

Weer enkele jaren later. Een van de hoofdrolspelers in het eerstgenoemde drama met Arbeidsvoorziening Noord-Holland Zuid kwam in de publiciteit door veronderstelde malversaties en misstanden in het grote commerciële reïntegratiebedrijf dat hij na het verdwijnen van Arbeidsvoorziening had opgericht. Dat bedrijf had ook contracten met de gemeente. De Bijstandsbond stelde de misstanden bij dat bedrijf aan de orde. Een directeur van de Dienst Werk en Inkomen – dus directeur van een organisatie die altijd naarstig op zoek is naar werklozen die zwart een zakcent bijverdienen – zei in Het Parool over de malversaties van het bedrijf: “Fraude wil ik het niet noemen”. De hele gang van zaken was voor de gemeente wel aanleiding om het roer om te gooien en weinig meer met commerciële reïntegratiebedrijven in zee te gaan. De reïntegratie-activiteiten werden voortaan in eigen beheer uitgevoerd en in samenwerking met de stichting Herstelling. Ik heb me dikwijls afgevraagd: wanneer komt de parlementaire enquête over de reïntegratie-industrie van de afgelopen twintig jaar?

Herstelling

De afgelopen jaren bleek dat er ook in de projecten van stichting Herstelling het nodige mis was. De Bijstandsbond publiceerde meerdere zwartboeken en het Bureau Integriteit schreef een tot op heden geheim rapport over de misstanden bij de projecten van Herstelling aan de Laarderhoogtweg en in het Amsterdamse Bos. En vorig jaar bogen twee wetenschappers zich namens Bureau Integriteit over de misstanden en de puinhopen van de reïntegratie in Amsterdam om verbetervoorstellen te kunnen doen. Ze schreven rapporten die ook niet allemaal openbaar zijn. Wel te lezen is hun rapport “Door de bomen het bos weer zien”. Zelfs de gemeenteraad werd slechts in globale lijnen op de hoogte gesteld van het geheime rapport. En de buitenwereld weet er alleen iets van door een zeer summier persbericht van de gemeente, en op basis van wat wethouder Vliegenthart over het rapport heeft gezegd in openbare gemeenteraadsvergaderingen of vergaderingen van commissies. Daaruit bleek dat in het geheime rapport ook wordt ingegaan op het feit dat de Bijstandsbond jarenlang de misstanden op diverse manieren aan de orde heeft gesteld, maar dat de politiek ziende blind en horende doof was. Jan Hoek, in een vorige periode gemeenteraadslid, fietste nog op een mooie voorjaarsdag naar het Amsterdamse Bos naar aanleiding van de klachten van de Bijstandsbond, sprak met de aanwezige dwangarbeiders en constateerde in een blog dat er allemaal niets aan de hand was.

Lees verder: Reïntegratieperikelen in Amsterdam. Een actueel overzicht en een stukje geschiedenis